
Epidemioloog Joreintje Mackenbach:
‘Kleine wijzigingen kunnen het maken van gezonde keuzes stimuleren’
In ‘Een blik op morgen’ vragen we experts uit het veld hun visie met ons te delen. Verfrissend. Onverwacht. Inspirerend. En soms een tikkeltje activistisch, zoals Joreintje Mackenbach, epidemioloog bij het Universitair Medisch Centrum Amsterdam. Zij promoveerde op omgevingsfactoren die van invloed zijn op de gezondheid (omgevingsdeterminanten). ‘De voedingsindustrie speelt een onmiskenbare rol', stelt zij. ‘Toch kunnen acties vanuit gemeenten en ondersteuning door de GGD een groot verschil maken. Zij hebben een duidelijke voorbeeldrol bij het normaliseren van gezonde keuzes.’
Joreintje: ‘Met mijn achtergrond in gezondheidswetenschappen was ik geïnteresseerd in waarom mensen ziek worden en hoe het zorgsysteem beter kan. Ik was gefrustreerd door het feit dat zoveel mensen ziek zijn door hoe we leven. Mijn focus kwam te liggen op preventie. Vervolgens promoveerde ik op onderzoek naar omgevingsfactoren die van invloed kunnen zijn op de gezondheid, zogeheten omgevingsdeterminanten. Wat is de invloed van de buurt? Van de beschikbaarheid van voedsel? Wat doet reclame in bijvoorbeeld kindergames? Wat doet de inrichting van de supermarkt? Hoe groot is de invloed van de voedingsindustrie? Conclusie is dat de invloed van de nabije omgeving op de gezondheid van inwoners significant is.’
Kwestie van karakter
Joreintje: ‘Als het gaat om negatieve factoren die onze gezondheid bepalen, zijn er problemen die alleen op landelijk niveau zijn op te lossen. Zoals luchtvervuiling of geluidsoverlast vanwege een snelweg. Ook spelen individuele factoren als genen en gedrag een rol bij het maken van een gezonde keuze. Ook of je interesse hebt in sport en gemotiveerd bent om gezond te eten, maakt natuurlijk verschil. Maar is vreemd als we ons uitsluitend op basis van dit soort individuele kenmerken zouden moeten beschermen tegen een collectieve ongezonde omgeving. Als we willen dat ‘gezond’ normaal wordt, moeten we gezonde keuzes toegankelijk maken, ook financieel. ‘Gezond’ moet zichtbaar zijn en dichtbij. Wacht daarbij niet op de landelijke politiek, maar kijk wat er binnen de eigen gemeente praktisch haalbaar is.’
'Het is gemakkelijk om te zeggen wat niet mag of juist moét. Doe dat eens anders! Laat zien dat ‘gezond’ normaal is.'
Kentering inzetten
Joreintje: ‘Het is gemakkelijk om te zeggen wat niet mag of juist moét. Doe dat eens anders! Laat zien dat ‘gezond’ normaal is. Zorg dat iedereen binnen de eigen organisatie deze beweging ondersteunt en benut het effect van de voorbeeldfunctie. Als alle ambtenaren ’s ochtends op de fiets naar het gemeentehuis komen, heeft dit echt impact. Maak ook beleid of pas het aan. Meet bijvoorbeeld de voedselgezondheid van een omgeving, zoals je ook de luchtkwaliteit meet. Scoort een buurt te hoog op ‘ongezond’, dan worden voor dat gebied geen vergunningen meer gegeven aan aanbieders van ongezonde voedingsproducten. Leg restricties op aan reclame voor fastfood, of investeer juist in de promotie van gezonde voeding. De voedingsindustrie zal niet snel opgeven, daarvoor is het commerciële belang te groot, maar wij kunnen wel een kentering inzetten!’
Klein beginnen
Joreintje: ‘Gemeenten kunnen ook gemakkelijk inwoners stimuleren tot meer bewegen. Sportveldjes in achterstandswijken zijn een bewezen succes. Denk ook aan het woon-werkverkeer: is er openbaar vervoer in een wijk, zijn er fietspaden voor de deur, zijn stoepen en oversteekplekken in orde? Met zulke zaken stimuleer je de actieve mobiliteit van je inwoners. Is er voldoende groen, een parkje waar mensen kunnen spelen, sporten of een beetje natuur kunnen opsnuiven? Het is bewezen dat de aanwezigheid van groen positieve invloed heeft op hoe iemand zich voelt. Het hoeft ook niet meteen groots. Kleine wijzigingen kunnen mensen al stimuleren betere keuzes te maken.’
Het nieuwe normaal
Joreintje: ‘De GGD kan onderzoeken hoe mensen iets beleven vanuit hun eigen perspectief. Met die informatie kunnen zij gericht adviseren en effectieve ondersteuning bieden. Sociale marketing kan helpen om ‘gezond’ aantrekkelijker en hip te maken. Leg bijvoorbeeld de link tussen ‘gezond’ en ‘aantrekkelijk fris’. Bijvoorbeeld met beelden of geluiden van iemand die in een sappige appel bijt. Of met vrolijk klinkende namen voor gezonde lunchmaaltijden. Of met trekautomaten vol fruit in plaats van frituursnacks, zoals Tommy Tomato doet op scholen. En zoek daarbij als gemeenten de juist partners, ook voor sponsoring. Dat draagt bij aan de zichtbaarheid. Ten slotte kunnen ook lokale ambassadeurs belangrijke influencers worden. Als zij gezonde keuzes maken geven ze het signaal ‘dit is het nieuwe normaal’.’
